Zoeken
  • Natascha Hauer

Skiën 2

En weg was ze. Haar jas, open, wapperend achter haar aan, rechtdoor naar beneden. Remmen deed ze wel bij de lift. Hoopte ik dan maar. Wat een type toch....

Net als iedereen die niet gaat skiën dit jaar, gaan ook wij niet skiën dit jaar. Had ik mijn gezin eindelijk zo ver om op wintersport te gaan, krijg je dit. Het was een proces van jaren geweest.


In mijn volwassen leven heb ik te weinig geskied. Ik had altijd vriendjes die niet echt heel goed konden skiën en die ik, even oneerbiedig gezegd, op sleeptouw moest nemen waardoor ik zelf niet lekker voluit kon gaan. Geeft niets, ik genoot er evengoed van. Niet alleen genoot ik van het skiën maar ook van alles wat erbij hoort. Als je zelf een fervente skiër bent, weet je wel wat ik bedoel met het wintersportgevoel. Daarover meer in mijn blog skiën1. Toen verhuisde ik naar Brazilië. Skiën – anders dan sandboarden in de duinen – kwam er een tijdje niet van.


Overtuigen met hoofdletter O

Mijn lief bracht al zijn vakanties vroeger door bij familie in Indonesië. Niet opgegroeid met skiën en ook later geen vriendinnetjes die hem op sleeptouw namen op de berg. Tja en daar hebben we dan een ‘dingetje’. Al die dingen die zo leuk zijn aan wintersport, probeerde ik jaar in jaar uit aan mijn lief en aan de meiden uit te leggen. Ze voelden het niet. Not at all. En dat snap ik ook wel. Als je het niet kent, is het moeilijk om je een voostelling te maken van ‘de geur van wax’ of ‘de oorverdovende stilte van de sneeuw’. Laat staan dat je er een heel warm gevoel van krijgt.


Natuurlijk had ik ervoor kunnen kiezen om met een vriendin te gaan skiën en mijn gezin niet te vermoeien met enthousiasme waar ze niets mee kunnen. Dat had gekund ja. Maar als je erg vol van iets bent, dan wil je dat graag delen met de mensen die je liefhebt. Elke winter, wanneer alle skifanaten - behalve ik - richting Oostenrijk of Frankrijk gingen, strooide ik weer met argumenten waarom skiën oh zo leuk is. En welk geluk er op de berg op ze ligt te wachten. En van iemand die bergangst heeft, klinkt dat uiterst ongeloofwaardig.


Mijn Indo-lief zei steevast ‘kijk naar me, ik hoor niet in de sneeuw. Ik hoor onder een palmboom’. En ik antwoordde dan ‘Ja prima…. maar laten we het dan in elk geval een keer proberen. Je hoeft het niet leuk te vinden maar eerst zelf ondervinden en dan mag je het stom vinden.’ Fair enough, toch?


Gelukt!

En dat deden we. We begonnen klein. Mijn gezin volgden een paar lesjes op de indoor skibaan in het dorp en een paar weken later gingen we met vrienden een weekendje naar Winterberg. De zon scheen. De zon scheen volop. Er lag geen pak sneeuw maar het was net genoeg. En zei ik al dat de zon scheen? Daar had ik in mijn overtuiging van hoe leuk dit zou zijn natuurlijk al een dikke punt gewonnen.


Op de plaats van bestemming moesten we eerst het materiaal regelen. Ski’s en schoenen huren in de drukte, omkleden in een te kleine benauwde ruimte en zorgen dat helm, handsschoenen stokken etc. niet kwijtraken. Over de stress bij ons allemaal, de ingehouden tranen bij de jongste omdat ze die grote logge schoenen niet aankreeg, het kwijtraken van twee paar handschoenen in 5 minuten tijd en het zweet dat inmiddels in straaltjes over mijn rug liep, kan ik nog wel een apart verhaal schrijven. Maar ik wil ergens anders heen. Dus stel je daar maar gewoon wat bij voor, dat moet vast lukken. Ik neem je mee naar de piste.


Spijt?

Daar stond ik dan, met vier mensen die me lief zijn, die ik eindelijk mee de berg op had gekregen en waarvan ik niet wilde dat ze zich zouden bezeren. Vier mensen die totaal afhankelijk van mij waren want ze konden niet veel, op die lange latten. Vier mensen die me allemaal vragend aankeken zo van ‘en nu?’. De meiden wilden de stoeltjeslift in. Ze hadden toch al les gehad in Nederland? Zou vast goed gaan. Ja sure! Ik beval ze om nog even op de kinderweide te blijven oefenen. Over twee uur zouden ze met de skileraar vast de stoeltjeslift nemen maar tot die tijd even kalm, ok?! Ja, ja prima….but not. Voor ik met mijn ogen kon knipperen zaten die meiden in de stoeltjeslift naar boven.


Er achteraan. Bovenaan de berg vervloekte ik mezelf dat ik mijn gezin dit had aangedaan. Hoe kreeg ik dit hele spul nou ongekreukt weer beneden? Ik stond er gelukkig niet helemaal alleen voor; hier heb je vrienden voor. Opsplitsen en iedereen die kon skiën een niet-skiër in de gaten houden. En dat ging wonderbaarlijk goed moet ik zeggen. Na een paar keer naar boven en naar beneden hadden ze het gevoel dat ze konden skiën. Overmoed is een gevaarlijk iets op de piste. De dag eindigde gelukkig zonder kleerscheuren, tranen of whatsoever. We sloten af met een Weißen in de zon op het terras onderaan de piste. Iedereen blij en uitkijkend naar de dag van morgen waarop we weer de berg op mochten.


De volgende dag besloten we op te splitsen van de vrienden. Zij wilden even lekker voluit en wij bleven in de buurt van het vakantiehuis waar een prima piste was waar het hele spul fijn kon oefenen. Heerlijk aan de zonzijde van de berg, een blauwe piste en een sleeplift, perfect. Sleeplift?! Oeh, daar had ik even niet over nagedacht. Hoe doe je dat met vier mensen die dat nog nooit hebben gedaan? Hoe moest ik in mijn eentje vier onervaren mensen meenemen in die lift?


Omdenken

Er zat niets anders op dan ze een voor een naar boven te brengen zodat ik ze kon uitleggen hoe een sleeplift werkt. Ik zou dan steeds in een noodgang naar beneden skiën om de volgende op te halen. Goed plan. Maar wie eerst? Ik moest hierbij rekening houden dat Small niet alleen achter zou hoeven te blijven. Vindt ze niet leuk. Dus, Small niet als eerste waardoor ze alleen bovenaan de berg zou moeten wachten op de rest. Maar ook niet als laatste zodat ze alleen beneden bij de lift moest blijven wachten. Daarnaast moest ik er rekening mee houden dat Medium onder toezicht bleef. Ze was de dag ervoor namelijk al flink overmoedig. Het ging haar allemaal niet snel genoeg. We wisten dat wanneer ze de kans zou krijgen, ze em zou smeren en dan waren we haar kwijt. Zou ze ergens bovenaan een zwarte piste staan of zo. Nee, die overmoedige dame moesten we echt in de gaten houden.


Ik dacht aan het raadsel van het schaap, de kool en de wolf. Wie breng je eerst in een bootje het water over zonder dat de achterblijvers elkaar zouden opeten? Het was even puzzelen maar het werkte. Redelijk. Op een zeker moment waren we allemaal boven. Gelukt! De tweede keer in de sleeplift zou vast makkelijker worden. Ze konden dan in setjes gaan – want in je eentje in een sleeplift is next level - en ik zou alleen gaan. Even een paar keer oefenen en dan weten ze voor altijd hoe het werkt. Ik hoor me nog zeggen, als een juf: “Oke…. laten we in een treintje achter mij aan naar beneden en als we dan bij de lift komen dan wachten we even op elk……” En weg was Medium. Haar jas, open, wapperend achter haar aan, rechtdoor naar beneden. Remmen deed ze wel bij de lift. Hoopte ik dan maar. Wat een zelfvertrouwen. Wat een type toch, mijn Medium. Ik ging er met de rest van mijn roedel achteraan. En wie zagen we onderweg nou vrolijk met haar stok zwaaien vanuit het sleepliftje op weg naar boven? Juist, Medium. Alleen. Tja, waarom zou je wachten op de rest? En die sleeplift, die snapte ze kennelijk wel.


Het was een heerlijke tweede dag in de sneeuw. Met af en toe wat gevloek, soms wat tranen, hier en daar geklungel met ski’s in de knoop door een val én met een bijzondere focus om Medium niet uit het oog te verliezen.


Fluor of zo

Het was zo heerlijk dat we voor deze voorjaarsvakantie een echt wintersportvakantie hadden geboekt. Waar iedereen het unaniem mee eens was. We schuiven deze vakantie gewoon door naar volgend jaar. En Medium, die krijg dan mooi een knaloranje outfit zodat we haar overal kunnen volgen.

56 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven

Nachtdenken